Posts tonen met het label alzheimer. Alle posts tonen
Posts tonen met het label alzheimer. Alle posts tonen

donderdag 14 juli 2016

Zo'n omhoogstaand ding

Ja hoor, het is weer zo ver. Vanochtend was ik op visite bij mevrouw B.

Kijk, hij heeft handtasjes bij zich.
Vandaag heb ik haar apart voorgelezen, op haar eigen kamer. Nadat het vorige week zo'n succes bleek, heb ik vandaag nog een keer 'Humble Fluisteringen', tekeningen en quotes meegenomen en het boekje 'Meneer Humble, verhalen en tekeningen.'
Eerst bladeren we samen door 'Fluisteringen'. Sommige tekeningen vindt ze wel erg simpel en sommige quotes vindt ze veel te filosofisch. Opmerkelijk is dat iedere keer dat ze door het boekje bladert de tekeningen volkomen nieuw voor haar zijn en haar reacties dientengevolge ook steeds verschillend. Er is echter één ding waar ze niet bij kan.
     'Is het nou een mannetje of een vrouwtje? Ik kan het niet zien hoor.'
     'Dat maakt toch eigenlijk niets uit.'
     'Nou, hij moet zo'n omhoogstaand ding hebben. Dat vinden ze wel erg fijn hoor.'
     'Uh...?'
     'Ja, dat vinden ze aangenaam. En als je nader bij elkaar komt dan kun je daar mee spelen. Nou ja het hoeft niet hoor, maar dat vindt zo'n man wel aangenaam.'
Ze is een tijdje stil en lijkt terug in de tijd te gaan.
     'Ja, dat hoort er wel bij hoor.'
Ik leg uit dat het verhalen en tekeningen voor kinderen zijn.
     'Nou dat maakt toch niet uit, zo'n omhoogstaand ding is toch heel normaal.'
     'Ja, dat is waar, maar toch...'
We moeten er allebei om lachen.


Het plaatje links is niet duidelijk voor haar:
     'Ja, ik zie dat ze knuffelen, misschien doen ze ook nog iets anders, maar dat kan ik niet goed zien. Wat een stom plaatje, ik zie niet eens wat ze verder nog doen.'


Aan het eind als ik weg ga, sta ik op en geef haar een hand.
     'Vind je het erg als ik blijf zitten?'
Ze zit in een grote zware rolstoel en kan daar echt niet zelf uitkomen. Zo aandoenlijk, ze heeft er (even)
geen erg in.


vrijdag 8 juli 2016

Nog een impressie



Uit mijn wekelijkse bezoekje: 

Boven gekomen is mevrouw B niet op haar kamer, maar na zoeken vind ik haar aan het eind van de gang, samen met drie andere dames. 
Ik vraag aan mevrouw B of ze naar haar kamer wil of dat ze hier wil blijven zitten. Ze wil hier wel blijven en dus ga ik er maar bij zitten. Ik lees voor uit Een visje bij de thee van Annie M. G. Schmidt, en later uit Fluisteringen, het Humble- quotesboekje. 
Het is erg leuk om deze quotes voor te lezen, de tekeningen te laten zien, en voor zover mogelijk even door te praten over de betekenis van de quotes. We hebben het bijvoorbeeld over de quote:
            'Liefde is sterker dan de dood.'
           
            ‘Ik denk dat het wel klopt; dat als iemand doodgaat waar je heel veel van hebt gehouden dat je daar nog na hun dood van blijft houden. Wat denken jullie?’
Ja, dat denken ze eigenlijk ook wel.
            ‘En misschien houden zij ook nog wel van ons als ze al dood zijn? Wat denkt u? Is dat mogelijk?’
De een denkt na, de ander heeft de ogen gesloten; het zal haar worst wezen waarschijnlijk. Eén mevrouw zegt;
            ‘Dan zie je zijn gezicht enzo.’
Ik beaam dat en zeg:
            ‘Ja, en je weet vooral nog het gevoel dat iemand je gaf.’

Er is één mevrouw bij en die  is ongelooflijk dankbaar voor deze ochtend. Ze houdt van Humble en ze houdt van mij. Ze vindt het knap dat iemand zo kan schrijven en tekenen, en dan leg ik uit dat ik het heb gemaakt. Dat vindt ze geweldig, ze vindt het een eer dat ik het zelf aan ze kom voorlezen. Toevallig heb ik net wat Humble boekenleggers bij me die ik heb laten maken voor de lezing die ik eind augustus over Humble ga geven. Op de boekenlegger staat de quote:
            ‘Geïnspireerd worden is mooi, maar het is nog mooier om zelf te inspireren.’
Ik deel de boekenleggers uit als cadeautje en ze zijn er, eigenlijk tot mijn verbazing, heel blij mee.
De grote fan- mevrouw bedankt me dat ze na deze ochtend rijker is dan toen ze kwam. Dat ze heeft mogen nadenken en genieten over het leven etc.
Haar reactie ontroert me.
            ‘Kan ik zo’n boekje kopen?’
            ‘Helaas, ik verkoop ze niet.’
            ‘Nou dan gééf je hem toch!’ zegt ze bijdehand.

Later sta ik met mijn jas al bij de deur om weg te gaan, de dames moeten zo eten, en dan hoor ik met een heel zacht stemmetje de vrouw die het over het gezicht van haar geliefde had zeggen:
            ‘Ik wil naar God toe, ik wil Gerard zien.’...
En ik denk: Oh mijn God, wat doe ik met haar.

donderdag 23 juni 2016

Wat een ochtend

Eerst heeft de bus vertraging, of is hij al geweest en moet ik nog een half uur wachten? Nee, gelukkig, hij komt, slechts tien minuten later. Dan stap ik uit en loop de vertrouwde route. Eigenwijs als ik ben, neem ik het zandpad. Hahaha. Dat dacht ik, wat een bagger. Natuurlijk, na al die regen.
        
Maar goed, slechts iets later dan anders sta ik toch op een gegeven moment voor haar deur. De deur is dicht, wat is dat nou. Blijkt mevrouw al twee dagen in het ziekenhuis te liggen.  Had nou even gebeld, is mijn eerste reactie. Meteen daarna ben ik bezorgd. Ach gossie, wat heeft ze en hoe gaat het verder op die leeftijd. Ik vraag in welk ziekenhuis ze ligt, en dat blijkt op de weg naar huis te liggen. Omdat de bus terug toch maar één keer in het uur rijdt, ga ik een poging wagen om haar daar even te bezoeken. Iemand uit het huis geeft me een lift, wel fijn met die regen.
        
In het ziekenhuis loop ik van hot naar her en weer terug voordat ik haar gevonden heb. Eén van de verpleegsters maakt haar wakker voor me (!) en ik mag even naar binnen. Ach, de lieverd, daar ligt ze nou. Ogen dicht. Ik praat zacht tegen haar en aai voorzichtig over haar hand. Een lichte trilling in de oogleden, dat is alles. Ze ligt er rustig bij gelukkig. En ik besluit maar weg te gaan.
Ben ik tóch even op bezoek geweest.

donderdag 16 juni 2016

Soms is er even zo'n momentje



Ik lees het verhaal: ‘Waarom de mensen zoveel van muziek houden’ voor uit het boekje Muzikale vertellingen. (ISBN 90.73207.31.2) 
Een mooi verhaal met een mooi einde. 

Citaat:

‘De mensen houden zoveel van muziek op grond van de stilte die volgt nadat de laatste toon heeft geklonken. Het is de muziek die de mensen op hun levensweg begeleidt, zij geeft hun de moed dwars door alle tegenslagen en ellende heen door te zetten en herinnert hun steeds weer aan hun uiteindelijke bestemming.’
Gevolgd door:
De oude wijze en de jonge zoeker die ten slotte had gevonden wat hij zocht, zaten lange tijd zwijgend in de zoele avond bijeen. Om hen heen heerste een vredige stilte die slechts heel af en toe werd doorbroken door het suizen van de wind in de pijnbomen, de verdwaalde schreeuw van een vogel, de val van een steen en in de verte het ruisen van een beekje dat de stilte niet verbrak, maar slechts verdiepte.’

Naar aanleiding hiervan hadden we het over de stilte waar mensen vandaan komen en weer heen gaan. Mevrouw was aan het denken hierover; het idee van stilte vond ze heel mooi en ze maakte een opmerking over hoe anders het leven op dit moment is met mensen die elkaar naar het leven staan. 
Zo filosofeerden we over het leven, terwijl deze stoere vrouw eerst met rust gelaten wilde worden. Ze wilde niet voorgelezen worden, maar op een gegeven moment begon ik toch voorzichtig en ze werd langzaam rustiger. 
         
Toen kwam een verzorgster langs om het bed op te maken en de haast magische sfeer van het moment was verbroken. Nadat de verzorgster vertrok las ik bovenstaand stukje opnieuw. Ik vroeg haar waar we als mens naar toe gaan.
          ‘Nou, naar de stilte.’
          ‘Wat denkt u, als mensen dood gaan, gaat het leven dan gewoon door?’
          ‘Ik weet het niet, maar het zou best kunnen.’


Aan het einde bedankte ze me voor de rust, de stilte. Ik bedankte haar ook voor de mooie ochtend. Toen ik afscheid nam, zei ze opeens nog:
          ‘Nou, we hebben iets heel moois gekregen. Ik heb het leven even teruggekregen.’
 

donderdag 9 juni 2016

De nieuwe eerste keer

Jawel, het loopje erheen blijft altijd boeiend, vooral nu op het moment het landschap iedere week heel snel verandert. Op de een of andere manier heb ik iedere week weer de mazzel dat het droog is. Bij hoge uitzondering zijn er ooit wat druppels gevallen, maar dat mag geen naam hebben. Zo was het vandaag heerlijk om die vijftien minuten te lopen, op mijn manier twintig soms vijfentwintig minuten; ik sta vaak stil, kijk, maak foto's.

Toch valt het me ook zwaar om na een overlijden weer opnieuw kennis te maken, af te tasten, in te schatten wat aanslaat en wat niet. Komt ons gevoel voor humor overeen? Krijg ik enige reactie of niet?

Vandaag was het weer een eerste keer.
Het weer werkte mee, dat scheelt.

 We gingen lekker naar buiten, de omgeving van het huis is prachtig, de rolstoel was af en toe wel zwaar, maar het was prachtig om mevrouw te zien genieten.
Ik ga er weer voor...




donderdag 19 mei 2016

Terugblik

Donderdag 12 mei was ik nog bij u en we hadden het eigenlijk nog best gezellig. Tevreden ging ik naar huis.
Vrijdag de dertiende (!) werd ik gebeld dat u een afschuwelijke val had gemaakt. Gebroken been, gezicht kapot, onder de blauwe plekken. Ik zou u waarschijnlijk niet meer zien, werd me verteld.
Gisteren, op mijn verjaardag, heb ik nog even kort afscheid van u kunnen nemen. U leek al half vertrokken, zo alleen liggend in de verduisterde kamer. Ik had met u te doen en hoopte dat het niet te lang meer zou duren.
Vanochtend ontving ik een mail van uw zoon. Het is voorbij, u heeft nu rust.

Impressie van een prille, drie maanden durende vriendschap:

Tussen de regels door zie ik dat het allemaal niet meer zo hoeft van haar. Ze mist haar man en ze zit maar te zitten. Ze is heel lief en klaagt niet ofzo, ze geniet van eten;
      'Ik ben een zoetekouw,'
en ze neemt nog een stuk chocolade. Ze vindt bezoek wel gezellig maar niet te lang, denk ik.
      'Nou nou, zo vroeg op de dag al bezoek,' alsof ze erg wordt verwend.
Met voorlezen zegt ze midden in een verhaal, ook als het zielig is:
      'Ja, leuk.'

Het is ook een stuk stervensbegeleiding . Ze is 95 meen ik. Ik toets voorzichtig hoe ze over de dood denkt en over leven na de dood en of ze haar man terug zal zien. Ze haalt haar schouders op en zegt:
      'Ik weet het niet.'
Of ze zegt:
      'Nog één, twee en dan uit.'
Wanneer ik vraag of ze het erg vindt dat het dan uit is zegt ze dat ze het niet weet. Dan sluit ze haar ogen weer. Er is heel veel dat ze niet weet. Dat klopt natuurlijk ook met dementie/ Alzheimer. 
___________________________

Via Marktplaats heb ik een boekje gekocht dat zij heeft geschreven en de foto's hierin zijn van haar zoon. Benieuwd hoe, en óf, ze daar op reageert.
    
 Dit is zó ontroerend.
     'Mijn hele leven trekt aan me voorbij,' verzuchte ze.
Ze was ongelooflijk blij en enthousiast om haar eigen boekje te zien.
Precies wat ik hoopte, en nog veel meer, was haar reactie. De steken, het tapijt van Bayeux; het roept allemaal herinneringen op.
Ik las haar de inleiding voor en de hele tijd bleef ze er bij.
Heerlijk om te zien hoe ze weer helemaal zichzelf herinnerde. Prachtig

Typisch dat ze 'scheuren en pleuren' leest waar er 'scheuren en plakken' staat. Ze kan er zelf om lachen wanneer ik zeg dat ik denk dat er 'scheuren en plakken' staat. Ze kijkt me aan en lacht om zichzelf.
      'Ja, dat denk ik eigenlijk ook wel.'

Ik wil het boekje zelf graag houden en besluit om er nog één te kopen voor haar.
______________________________________

 Een week later:
     'Goedemorgen, hoe gaat het met u?'
      'Ja, wel goed. Wonderlijk eigenlijk hè.'
Ze moet er zelf om lachen.

Ik geef haar haar cadeautje, haar eigen boek.
      'Nou, wat leuk zeg. Dat is ook toevallig, daar heb ik net met iemand vorige week over gepraat.' (Ja, duh...!)

Op een gegeven moment wordt ze steeds stiller en als ik iets vraag krijg ik geen antwoord meer. Ik vraag dus niets meer. Ze is heel ver weg in het verleden. Mooie zin van mevrouw wanneer ze een tijdje in gedachten in haar boekje kijkt:
     'Ik was heel erg onder de indruk van het zelf, het wezen.'
Ze is heel erg blij met het terugzien van haar eigen boekje. Het is geweldig om te zien.

      'Dat heb ik gemaakt toen ik een jaar of tien was.'
      'Oh ik dacht dat u al kinderen had toen u dit maakte.'
Ze kijkt m me meewarig aan, je ziet haar denken; vreemd mens.

Als ik die ochtend wegga zegt ze:
      'Ik ben er heel erg blij mee, zeg dat maar tegen ze.'
      'Wat fijn dat u er zo blij mee bent.'
Ze heeft voor het eerst kleur op haar wangen. Heerlijk.
__________________________________
Eerder schreef ik al blogs over het olifantje Willem,  en over het begin.
en over onze hernieuwde kennismaking: 
 
(Dementie/ Alzheimer)
Toen ik binnenkwam vroeg ik of ze wist wie ik was en dat wist ze niet. Toen gaf ik haar een hand en zei:
      'Ik ben Saskia.'
      'Haha, dat weet ik toch.'

                                                           Rust zacht lieverd.



 





vrijdag 4 maart 2016

Daar gaan we weer

De tijd vliegt, echt waar. Maart, we zijn alweer in maart van 2016.
Gisteren liep ik weer via hetzelfde zandpad, waar ik tot voor kort elke week liep. Tot half januari jl. Toen hield het op. We moesten afscheid nemen en daarna had ik behoefte aan een pauze.

Gisteren ging ik voor het eerst naar een nieuw contact in het Rosa Spier Huis. Van harte, dat absoluut, anders zou ik het niet doen. Maar het koste me meer moeite dan ik had verwacht. Weer helemaal van voren af aan beginnen; kennismaken, aftasten, uitproberen wat goed valt en wat helemaal niet valt. Ik ben deze week niet helemaal fit, er zit een vervelende kou in mijn lijf. Ik adem moeizaam en vanochtend doet mijn hoofd pijn, alsof er sneeuw komt. Wie weet. Ik ben ruim een uur gebleven, toen was haar energie op.

Wanneer ik haar vraag of ze goed slaapt, kijkt ze me een tijdje zwijgend aan en zegt dan:
     ' Vaak als ik wakker word 's nachts, dan roep ik de naam van mijn man, dan vergeet ik dat hij er niet is.'
     ' Heeft u het idee dat hij u hoort, en dat hij dan komt?'
Ze is nog even stil en kijkt me recht in mijn ogen.
     'Ik denk het niet, ik denk niet dat hij komt.'
     'En in uw verbeelding? Komt hij in uw verbeelding?'
Stralend nu:
     'Jaha, in mijn verbeelding komt hij wel naar me toe.'
     ' Oh dat is fijn, dan zijn jullie toch een beetje samen.'
Een gelukzalig glimlachje blijft even hangen rond haar mond, en haar ogen kijken ver naar binnen.

En ik ben verloren...
Natuurlijk ga ik volgende week weer naar haar toe, Ze zei dat ze het goed vond als ik vaker kom.
Ik bof maar.


donderdag 24 december 2015

Bedankt


Heel blij met deze mooie bloemen die ik kreeg van de dochter van mevrouw G (Zie  Friemelbaar cadeautje) als dank voor de bezoekjes aan haar moeder.

woensdag 9 december 2015

Friemelbaar cadeautje

Lieve mevrouw G,

Sinds een paar maanden zijn we in elkaars leven. Eén middag in de week brengen we een paar uur samen door. Wat een mooie ontmoetingen zijn het vaak. Intensief, aftastend, inschattend, vermoeiend, blij wanneer er contact is, ontroerd bij het terugkeren van herinneringen.
Vandaag wil ik een soort ode aan ons schrijven, aan u en aan mij en aan onze ontmoetingen.

Vorige week droeg ik een gehaakte poncho. Het is vaak erg warm in het
huis waar u woont, net als in andere tehuizen, en dan is het makkelijk als ik wat uit kan doen, een poncho is dan handig. U reageerde heel sterk op mijn poncho en bleef er aan voelen en friemelen en onderwijl was u duidelijk terug in een ver verleden. Ik liet u daar een tijdje; geen vragen, geen opmerkingen.
Eenmaal thuis bleef het beeld in mijn achterhoofd. Ik zag steeds hoe de aanraking met de mooie zachte stof u meevoerde.

Er zijn momenten dat het leven niet zo makkelijk en aangenaam is. Ouderdom komt letterlijk met gebreken. We zijn nu in een fase dat u door moeilijk slikken steeds wat vocht verliest, kwijlt, noemt men dat wel. Wanneer ik bij u ben veeg ik zachtjes de draden en druppels weg. Gelukkig staat u me dat toe. Stel je voor: Iemand die je amper herkent en die je mond gaat schoonvegen. "Dat is fijn,"  zei u dankbaar.
De gebreken, het verdwijnen van grip op de werkelijkheid, het zijn minder mooie kanten van ouder worden.

Daarom is het voor mij een uitdaging om een klein beetje warmte en liefde terug te brengen. Het is een uitdaging voor mij om juist waar men gauw alle waardigheid verliest, u en anderen in een vergelijkbare situatie, met respect en liefde te behandelen, en u het gevoel te geven dat u er toe doet. Ik ben dankbaar dat u mij toestaat om u te bezoeken.


Ik denk erover om u mijn poncho te geven maar doe het uiteindelijk niet. Zo kom ik wel  op het idee om u een zelfgehaakt dekentje te geven. Het is indertijd met veel liefde gemaakt en het is zacht en kleurig en ik wil het u heel graag geven. Maar... ik bereid me er op voor dat u kunt zeggen: "Nee hoor, neem maar weer mee. Wat moet ik daar mee?"
          Gelukkig! U vind het heel mooi, u houdt van de kleuren en u waardeert het werk dat er in zit. "Heb je dat helemaal zelf gemaakt? Dat is toch heel veel werk?"
Er kwamen herinneringen aan de tijd dat u zelf haakte en breide. Ik ben vooral heel blij dat u zo helder bent vanmiddag. 

Het dekentje is een blijk van waardering van mij aan u, net als dit blog.
Dank u wel voor alle mooie momenten die we samen hebben.

Tot volgende week.
XXX



maandag 21 september 2015

Impressie dementie

Gedicht ter ere van Wereld Alzheimer Dag, maandag 21 september 2015


Gefascineerd zie ik
hoe je langzaam met je
vinger over een
vergeelde foto gaat,
alsof je geheugen het
verleden scant
om dan plotseling
een glimlach door je
verstilde gezicht te zien
breken wanneer je
stralend zegt:
'Dat zijn mijn zusjes.'