woensdag 8 november 2017

De moeite waard om even naar te kijken, m.i.


Heel interessant artikel van  Amade M’charek.
Interessant en met oog voor nuances.


Om me heen zag ik ook steeds vaker jonge mensen die zich islamitisch gingen kleden en de islamitische identiteit omarmden. In het begin vond ik dat verrassend, maar later begreep ik dat je het kunt vergelijken met de houding van de punkgeneratie. Echt waar: de hoofddoek is voor velen de nieuwe hanenkam. Het is de reactie van mensen die in de verdrukking zitten, een manier om je af te zetten tegen een samenleving die precies zegt te weten hoe je tikt, en je voortdurend kleineert en afwijst. 

en

Steeds dezelfde beelden, steeds dezelfde personen. Je mag pas deelnemen aan het gesprek als je “een van ons” bent geworden. Dat vind ik jammer. Je ziet dat er een bepaald antiracismediscours is geïmporteerd uit Amerika, dat hier vervolgens wordt geïmplementeerd. Maar wij hebben hier een andere geschiedenis, een ander type problematiek. Ik wil dat dat erkend wordt en een plaats krijgt, dat het niet onzichtbaar wordt gemaakt door een geïmporteerde ideologie. In mijn ogen is er een mismatch tussen de geleefde werkelijkheid en de manier waarop we het debat voeren. Is er in de discussie ook plaats voor de migratie uit de voormalige koloniën na de Tweede Wereldoorlog, of uit Noord-Afrika? Of passen die niet in de “zwarte” categorie en gaat het alleen nog maar over kleur? Tijdens een debat over ras en racisme dat ik had georganiseerd, werd me een keer voor de voeten geworpen: er zijn hier geen mensen uit Afrika. Ik zei: o nee? I am born and raised in Africa! Maar mijn deel van Afrika was niet waar ze op doelde, dat hoorde er niet bij. Ik vind dat zo’n verstikkende manier van denken, net als die praatjes over de joods-christelijke cultuur.’

en

Het identiteitsvraagstuk, zegt M’charek met een zucht, is ‘wel een zorgenkindje’. ‘Er is niet één leer. Het is ras met een vraagteken, het is racisme met een vraagteken. Niet om het te diskwalificeren, racisme bestaat. Maar op welke manier? Voor wie? Wat valt eraan te doen? Mijn moeder heeft op een compleet andere manier te maken met discriminatie dan ik. Ik zit in mijn ivoren torentje, reis de wereld rond. Mijn moeder is een klassieke oudere moslima met hoofddoek en een heel klein inkomen. Ik hoef maar even met haar over straat te lopen en ik weet weer dat zoiets onvergelijkbaar is met mijn ervaring. Voor die verschillen moet je oog blijven hebben. Ook dat vind ik vaak moeilijk aan het huidige antiracismedebat, met die nadruk op “wit privilege”. Ja, zoiets bestaat, maar verdomme: vergeet ondertussen niet waar je bent. Want over privilege gesproken, een groot deel van dit debat wordt wél gevoerd op de universiteit!’

en 

Ik verzet me tegen simplificaties, als het nodig is ook van zwarte activisten. Dat maakt je niet machteloos, het betekent niet dat je nooit een standpunt in kunt nemen. Ik vind vaak genoeg dat we gewoon de straat op moeten, en soms doe ik dat. Maar ik vind ook dat het de kunst is om voldoende ruimte te maken voor elkaar. Om net even afstand te nemen, want veel dingen zijn gewoon te ingewikkeld. Als het probleem ingewikkeld is, kan het antwoord niet simpel zijn. En zeker niet eenduidig.’

donderdag 28 september 2017

Zo mooi!

Zo mooi! Afrikaans schaakspel. Vandaag binnen via Marktplaats. Heel blij mee.



Brons  
West-Afrika kent een lange traditie van metaalbewerking. Zo werden in het oude rijk Benin, gelegen in het huidige Nigeria, vanaf zeker de 15e eeuw verfijnde, uiterst realistische beelden en plaquettes in koper en messing gegoten. De kwaliteit van deze zogeheten Beninbronzen was zo hoog dat de Engelsen, die in de 19e eeuw veel bronzen buit maakten tijdens een strafexpeditie tegen Benin, jarenlang niet wilden geloven dat ze door Afrikanen waren gemaakt. Ook de Aken in Ghana en Ivoorkust maakten al in de 14e eeuw prachtige bronzen goudgewichtjes. 

Het moderne brons wordt nog steeds volgens de traditionele ‘verloren was’ methode gemaakt. Eerst vormt men een figuurtje van was, dat verschillende keren wordt bestreken met een papje van houtskool en vervolgens wordt ingepakt in een mengsel van klei en mest. Het hele pakket gaat op het vuur, waardoor de was smelt en via de gietkanaaltjes uit de hard geworden klei loopt. De was laat een afdruk binnenin het kleipakket achter: de mal. Als het brons in de mal wordt gegoten en is afgekoeld, slaat men de mal stuk. Wat overblijft is een exactie bronzen kopie van het oorspronkelijke wasfiguurtje.